woensdag 19 maart 2014

Onvoorwaardelijke liefde

Je hebt verschillende soorten van houden van.

Er is de liefde voor de echtgenoot. Wat eens begon als een vlindergriep met een buik vol kriebels, zweven op wolkjes en hele dagen dagdromen ... is veranderd in een vorm van wederzijds respect, er voor elkaar zijn en in zijn arm tv-kijken. Of elkaar bekogelen met venijnige en sarcastische one-liners, waar wij alleen de humor van inzien. Een samenzweerderig complot tegen de rest van de wereld.

Er is de liefde voor mijn kinderen. Twee bollekes van vier kilo die in mijn armen werden gelegd na een uitputtende veldslag met alleen maar overwinnaars. Een oergevoel voor deze wezentjes die ik zal beschermen met alles wat ik in me heb. Een gevoel van trots en fierheid. Een gevoel van warmte als ik aan hen denk. Een gevoel van vanzelfsprekendheid. Ze zijn een deel van mezelf. En ze zullen altijd met me verbonden blijven.

Er is de liefde voor mijn katten. Een onvoorwaardelijke liefde zonder woorden, zonder verbale klanken. Twee plumeaukes met helderblauwe ogen die als kleine motoortjes ronkend door het leven gaan. Uit dankbaarheid voor dat bordje Whiskas word ik bezoedeld met kattenkopjes tegen mijn kuiten en hangen ze gedwee mijn rok vol kattenhaar. Ik word warm als ik aan ze denk. Een glimlach om mijn mond. Ze maken de cirkel rond en vormen zo de totaliteit van mijn gezin.

En laat nu net vandaag mijn kleine harige prins jarig zijn. Deze blog draag ik op aan mijn schaduw, mijn bloedbroeder, mijn maatje.

Herinnert u zich nog de film : The Golden Compass, waar mensen hun eigen daemon hadden, een wezentje, een diertje waarmee ze konden communiceren in gedachten, die hetzelfde voelde, dezelfde emoties had, ...
Ik heb er ook zo eentje : Raphael. Onze Raf is mijn daemon.

Dat begin bij het wakker worden. Als ik mijn ogen open, zit daar naast mijn hoofd een blije, zotte kater naar me te kijken. Blij omdat hij de kamer stiekem is binnen geglipt. Hij komt dan net niet op mijn hoofd zitten en wacht. Als ik knipper met met mijn ogen gaat zijn hartslag een tandje hoger en zet hij zijn ronkmachientje aan, waardoor ik niet anders kan dan wakker worden van de spinnende decibels die mijn vatsige kater het heelal instuurt. En dan zijn we allebei intens verheugd van elkaar weer te zien na elkaar een nacht gemist te hebben.

Vervolgens gaan we samen ontbijten. Hij wijkt geen meter van mijn zijde en loopt als een daemon naast me, samen de trap op (keuken is boven). En dan installeert hij zich op de barkruk naast me en ontbijten we samen ... de kaasrestjes zijn voor hem.

Tijd voor een luchtje scheppen. De deur gaat open en hij wandelt rond het huis als een fiere, ietwat bange en schuchtere leeuw. Als ik met hem mee naar buiten ga, is hij minder bang en dartelt dan als een klein zot lammetje voor me uit. Van zodra ik de buitentrap naar de tuin neem, moet ik altijd uitkijken dat hij me niet tackelt, want als een wervelwind spurt hij langs of door mijn benen de trappen af. Ik denk vaak dat ik zo nog eens aan mijn einde kom ... van de trappen gedonderd door te struikelen over mijn zotte halfgod.

De rest van de dag slaapt mijn ventje. Liefst in mijn nabijheid. Naast mijn bureautje, onder mijn bureautje, maar vooral op mijn bureautje. Meermaals per dag neemt hij zijn aanloop, katapulteert zijn volle zes kilo en landt dan boven op mijn computerklavier, waardoor de schrik me om de hals vliegt. Errors op mijn scherm. En dan schrikken we allebei. In eerste instantie schuift hij wat op en gaat dat dan op mijn rechterhand liggen, waardoor de muis gevangen zit onder de poes. Schattig maar niet doenbaar. En hij weet dat. Vervolgens gaat hij braaf in een hoekje liggen tussen muur en printer op mijn allerkleinste bureautje en zo zijn we allebei tevreden.

`s Avonds is er nog een vast ritueeltje. Als ik me rechtzet, zo rond een uur of negen, om een tasje koffie te gaan maken in de keuken, dan spurt hij zich een ongeluk om voor mij in de keuken te landen. Hij mag dan nog voor dood op zijn rug liggen ronken ... dat opstaan van mij is voor hem het signaal. Elke avond krijgt hij zijn snoepje van mij. Het grappige is dat iedereen van het gezin zich om negen uur mag verplaatsen naar de keuken, hij zal niet mooven. Het is enkel als ik me recht zet, dat hij actie onderneemt.

Als het gebeurt dat ik voor echtgenoot ga slapen, niet vaak, maar het gebeurt, of echtgenoot is in `t buitenland voor zijn werk, dan is mijn prinsje happy. Want dan gaan we samen naar lieflijke oorden. Terwijl een zacht radiomuziekje op de achtergrond speelt en ik mijn tanden poets, heeft mijn grote liefde zich al een plekje toegeëigend in het grote bed, begint te spinnen als een C130 en wacht tot ik bij hem in bed kom liggen. Samen vallen we zo in slaap, mijn hand rust in zijn warrige, donzige vacht. En samen wachten we op de boze tovenaar .... in de vorm van echtgenoot, als we pech hebben. Want echtgenoot is niet opgezet met vreemde mannen met lange haren in zijn bed en dus vliegt Rafke er elke keer weer uit. En elke keer weer is het een dramatisch afscheid.

Maar morgen is een nieuwe dag en verschijnt hij weer shiny en met stinkbek aan mijn hoofd. En begint alles van voren af aan.

Mijn katertje wordt vandaag 8 jaar. En wat houd ik toch zo veel van mijn grote dikke vent !

En straks taart !







zondag 16 maart 2014

En toen draaiden de meisjes mijn lieve, onschuldige zoon zot ...

Een heuglijk en memorabel moment. De mannen zijn deze namiddag naar hun allerlaatste match van Anderlecht gaan kijken. De laatste jaren gingen ze braaf kijken naar elke thuiswestrijd, ze hadden een abonnement, ze smeden zo de vader-zoon band, gedragen door de winnersmentaliteit van hun helden, bezegeld met elke keer weer een goe pak frit en een grote zak snoep.

Maar de spelers stelden dit seizoen teleur en sexy John werd terug naar Nederland gebonjourd.... maar was dit alles nu voldoende om te beslissen om voortaan de zondagen terug door te brengen met de vrouwelijke pionnen van het gezin ?

Ik denk dat er andere kapers op de kust zijn : meisjes.

Sinds zoonlief werd ondergedompeld in het grote testosteronbad is hij onherkenbaar geworden. Zijn hart slaat 150 keer per minuut, zijn hormonen vliegen uit de bocht en sport is ineens veel minder interessant. Datzelfde ventje dat op zijn zesde, als pluimpke bij KV Tervuren, voor dag en dauw zijn voetbalschoentjes stond te binden ... dat ventje moet nu een extra duwke krijgen richting voetbalveld. Jaren sprak hij enkel over voetbal, voetbal en voetbal. Hij zou spits worden bij een grote voetbalploeg, trainde tot vier keer per week.
En nu wil hij vooral scoren bij de meisjes.

Meisjes zijn een gevaarlijk iets voor opgeschoten tienerjongens. Ze nemen de controle in handen en draaien mijn lieve zoon helemaal murw. Hij neemt bussen op vreemde uren, hij gaat ineens huiswerk maken bij het vrouwelijk schoon, hij ontvangt snoeprepen (gedropt in de brievenbus). Enkele maanden terug werd er nog duchtig gegamed met de bloedbroeders op woensdagnamiddag, nu zwermen de bloedbroeders uit naar hun bloemekes om te gaan proeven van de zoete honing.

Hij is zo schattig mijn ventje. Zijn benen reiken net niet tot aan zijn oksels. Zo lang. 1 meter 80 lang en nauwelijks een heupomtrek van 85 cm. Een lieve, mooie wandelende tak.

En zo nemen we alweer een beetje afstand als moeder en weer moet ik een beetje loslaten. Nu de jonge vestaalse maagden met porseleinen huidjes hun intrede doen in het leven van de zoon, voel ik me alleen maar ouder worden met een eerder gekrakeleerde huid ...

Hij vertelt me niet veel, af en toe ontsnapt er een one-liner uit zijn mond, om me te teasen. Ik brand van nieuwsgierigheid, maar moet het meestal stellen met radiostilte.

Toen ik hem nog clean en onbedorven achtte, werd ik bruusk uit mijn droom gehaald door de brute boodschap van zijn vriendjes, op zo`n bewuste woensdagnamiddag, enkele maanden terug.
Het ging over kussen in onze vijfzit en de dees spitste haar oren en de vriendjes genoten van mijn stiekeme aandacht. Wat later vielen echter de meest brutale woorden die een moeder aanhoren kon : Mevrouw, uw zoon heeft staan muilen .... Niet romantisch staan wezen kussen of zoenen, nee ordinair staan muilen.

Het volgende moment werd het zwart voor de ogen en kon ik de vriendjes nog net duidelijk maken dat ze maar even de MUG moesten bellen ... dit was net iets te veel voor mijn tere moederhart.

Fijne week.

Krisje



zondag 9 maart 2014

Hiep Hiep Hoera !

In mijn vorig blogje zat het er nog aan te komen ... ondergetekende zou nog jarig moeten zijn.
Ondertussen zijn we 9 maart en zijn de festiviteiten alweer ver naar de achtergrond geschoven, een vage herinnering aan een vaag feestje.
Ik was jarig op een zaterdag, dat herinner ik me nog. Ik had me voorgenomen die dag geen vinger uit te steken. En ja, ik bedot mezelf natuurlijk, want des te meer werk ligt er te loeren op zondag. Maar we deden alsof. I was the queen.

Het mooiste cadeau kwam uit onverwachte hoek. Onze Noah die voorstelde om samen met mij de vuile was te triëren op kleur en vervolgens een vat wou laten draaien. Ik hoorde het donderen in Keulen en snapte nauwelijks waar al die huisvlijt van junior vandaan kwam, maar ik besliste mee te werken en wat later stond ik samen met zoonlief kanten slipjes, papa`s boxershorts en andere stinkdingen op hoopjes te leggen, begeleid van een technische was-uitleg. En hij deed dat goed ... ook al had hij maar één hand in de aanbieding, want met zijn andere hand hield hij zijn neus toe.
De week er voor was ik al getrakteerd op een nieuw naaimachientje. Het waren schone tijden. En voor ik het wist, was daar dus een extra rimpel en was ik nu de trotse eigenaar van twee vieren. Yeah.

De goede daad van Noah ... het was alsof hij wou zalven, terwijl ik niet wist dat er een wonde was. En de wonde was er en stak in zijn boekentas. De hele week was ik in blijde verwachting van een rapport, maar het kwam maar niet. Goedgelovig als ik was, trapte ik in zijn smoesjes. Op zondagavond stond ik te kokkerellen voor mijn eigen feestje, oma`s en opa in de buurt en zoonlief kwam in de dampen van de kookpotten vertellen dat hij zijn rapport had gekregen. Heel strategisch van die tieners, want ze weten dat er geen scène zou komen. In de drukte van de avond vergat ik de blijde boodschap.
Op maandagmorgen werd ik er terug aan herinnerd. Toen ik bij het ontbijt een hap van mijn boterhammetjes wou eten, vloog er een rapport over het keukeneiland. Had ik dit nu goed gezien. En zoonlief begeleidde het vliegend wonder met de woorden : nu tekenen, of anders krijg ik een stempel en heb ik middagstudie.
Maar dat was dus buiten zijn mama gerekend. Ik weigerde het onding te tekenen, zei dat ik er mijn tijd zou voor nemen. Jammer voor hem. De voordeur kletste dicht ... ik riep hem nog achterna : vanavond crisisberaad !
Het crisisberaad is er gekomen. De koppen rond de tafel, de ontgoocheling van de ouders, de heldhaftige woorden van de zoon : Ik mag nooit nikske. Wat zijn we toch vreselijke ouders, als we hem mogen geloven.
En in alle drukte van het beraad merkte echtgenoot dat de datum van het rapport al lang zijn versheidsdatum had overschreden. Hij droeg zijn rapport al meer dan een week mee in zijn boekentas.

Junior heeft te veel vrijheden gekregen en niet elk kind kan dat hanteren, natuurlijk.
Dus is het nu terug elke avond de agenda kontroleren, lesjes opvragen. De gsm en de computer gaan aan de kant tot Janneke klaar is met zijn lessen. Terug naar de lagere school. We zetten alles op alles tot aan zijn paasexamens en dan zien we verder. En dan te bedenken dat mijn ventje een waanzinnig slim kind was ... of is, met een hoge IQ ... Het zijn die slimme vogelkes die nooit veel zin hebben om te leren, natuurlijk.

En zo vervelen we ons nooit in het Droomhuis. Ha !

Enkele weken terug zijn we nog eens langs Den Haag gepasseerd. Ik blijf er bij. Den Haag is de parel aan de Hollandse kusten. Ik ben echt verliefd geworden op dat stadje.
Herinnert u zich de blog nog : Didi Dada en Wilma, deze is voor jou !, welnu ik wandelde met de dochter, arm in arm de Den Haagse Didi opnieuw binnen. Voor we het wisten, fladderde daar een zwanenzang aan woorden onze richting uit. Mevrouw, U bent terug ! Wat geweldig ! En ja, ik heb je blog gelezen !
Hier was ze dan : onze Wilma, van vlees en bloed. Het was een blij weerzien tussen twee bekenden. We werden alweer getrakteerd op koffie en veel extraatjes en veel complimentjes. Echt fun !
Met een blinkende rode zak in de hand stapte ik buiten, maar vooral met een zeer goed gevoel ! Ik sta altijd te kijken van de oprecht vriendelijke mensen aan de andere kant van de grens. I like.

En om in de Didi-sfeer te blijven ... op maandag bezochten we Het Stad. Antwerpen dus. En ook daar werd ik gedropt door echtgenoot in den Didi ... diene wilt overal van mij af zijn, denk ik. En weer veel blablabla en weer werd ik onthaald als de allergrootste Didifan die er ooit heeft rondgelopen op deze aardkloot.
En deze Antwerpse diva had groot nieuws voor mij : binnen enkele weken kan ons Krisje online bestellingen plaatsen. Jodela-ietie !
Je kon bij wijze van spreken in China een nagelknipper bestellen en laten thuisbezorgen met DHL, maar een kleedje bestellen, online, bij onze Noorderburen, dat ging niet. (tenzij je het laat leveren op een Hollands adres, euh ...) Ook niet toen de stoute baas van Didi had besloten alle Belgische wijven te nekken en de meeste filialen te sluiten in de Vlaamse velden. Maar nu zou de zon dus terug gaan schijnen en hoef ik niet meer om de haverklap naar Den Haag of Maastricht om te gaan shoppen ...

Nog zo veel te vertellen ... de afgelopen weken nog vele musea bezocht, nog vele werkjes gemaakt, nog vele fotokes gekiekt ...


Fijne week allemaal !

Krisje van het Droomhuis